



terug |
Verslag bijeenkomst "bijverdienen naast je WAO/Wajonguitkering" 22 september. George Hoogervorst heet namens de cliëntenbond en het infocentrum GGZ de ruim 40 bezoekers en de sprekers van harte welkom. De grote opkomst geeft aan dat er behoefte is aan informatie over dit onderwerp. Marjolein Ooms arbeidsdeskundige van het UWV in Hilversum begint met het uitleggen dat de bedrijfsmissie is: werk boven inkomen. Reïntegratie heeft dus extra aandacht. In de WAO beland je vanuit een loondienstverband. Wajong geldt voor mensen die vanaf jeugd of tijdens studie arbeidsongeschikt zijn. Verzekeringsarts stelt de belastbaarheid en de beperkingen vast. Je mag en kan 3 jaar bijverdienen naast je uitkering maar het UWV helpt je dus liever gezien hun missie aan werk! Dat het aan het werk moeten tot veel angst en onzekerheid kan leiden begrijpen ze bij het UWV. Daar willen zij bij ondersteunen maar dat het financieel minder aantrekkelijk is om net iets meer te verdienen dan je mag volgens het afkeuringspercentage is voor UWV niet van belang. Hoeveel je kan bijverdienen wordt berekend aan de hand van een maatman of vrouw: Iemand net als jij met dezelfde arbeidsmogelijkheden en opleiding maar dan zonder beperking. Als die €10 verdient word je daarmee vergeleken. Als je 80-100% bent afgekeurd en een dag per week ergens kan werken wordt de volgende som gemaakt. €10-8/38x10 X 100% = 79% 10 De arbeidsdeskundige zal dan roepen dat de uitkering niet meer klopt bij een percentage arbeidsongeschikt voor 80-100%. Je moet dan terug naar een percentage 65-80% met een lagere uitkering. |
Financieel schiet je er dan nauwelijks mee op terwijl je dan enorm je best doet om
nog te werken. Het UWV oordeelt echter meer in termen van werk. Het hebben
van collega's en het feit dat je wellicht in de toekomst meer kan werken,
dat je meedoet en je eigen geld verdient is belangrijker dan hoeveel (meer
dan je uitkering) je verdient. Werk boven inkomen. Toch komt een van de aanwezige met een verhaal dat hij wel graag 1 dag bij een stembureau wilde werken maar dan opgeroepen moest worden door de keuringsarts van het UWV etc Door deze bureaucratische administratieve rompslomp heeft hij er toen maar van afgezien. De inkomsten worden ook niet over gehele jaar gemiddeld per maand genomen maar per maand. Dus als je in enige maand het percentage overschrijdt wat je bij kan verdienen moet je gekort worden.(ook vakantiegelden eindejaarsuitkeringen etc tellen mee bij de berekening) Er zijn wel mogelijkheden om op arbeidstherapeutische basis en via proefplaatsing te werken wat geen invloed heeft op de hoogte van je uitkering. |
Paul Fijn coördinator van de clientenbond in de GGZ vertelt dat hij al enige tijd 7.2 uur betaald werkt en de rest vrijwillig.
Hij was niet opgeleid voor deze werksoort en het is een beschermde omgeving.
Hij is 80-100% afgekeurd. Bij het UWV wilden ze niet voorrekenen hoeveel
hij kon bijverdienen. Pas met zijn eerste loonstrook wilden zij dat doen. Volgens hem is vrijwilligerswerk ook goed werk maar de 700€ die je daarmee bijkan verdienen in een jaar is erg weinig. Daarnaast kan je middels bonnen natuurlijk je onkosten vergoed krijgen. 3 jaar is tekort voor mensen met psychische problemen om te bepalen |
of het lukt in een werkomgeving en of je het vol kan houden en of je weer meer of
volledig kan werken. De kans op terugvallen is groot en daarom vermijden mensen het liever, hoewel ze soms wel willen en kunnen werken. De spanningsboog is minder men kan piekbelasting niet aan weet soms niet of men in een hierarchische situatie kan functioneren etc. In de behandeling is inmiddels een omslag gemaakt waarbij meer naar het gezonde deel wordt gekeken ook voor werken is het goed om te kijken wat je nog kan. Hij pleit ook voor een vastgelegd percentage mensen met een arbeidshandicap in dienst te laten nemen door werkgevers. |
Hubert Bruls tweede kamerlid CDA is van mening dat het niet de bedoeling is om bij te verdienen naast je uitkering.
Wel tijdelijk maar niet structureel. Het moet gaan om op die manier het
uitzicht op gehele of gedeeltelijke werkhervatting mogelijk te maken. Ook het
uitbreiden van mogelijkheden van proefplaatsingen draagt bij aan mensen weer aan
het werk te krijgen. De regels moeten flexibeler door te werken met schattingen
en klassen veroorzaak je dit soort gedrag en creëer je meer angst. Er moet
meer naar het individu gekeken worden en zijn of haar mogelijkheden en wensen.
De kans op succes wordt dan ook groter. Het moet niet zo zijn dat door de regelgeving
mensen kiezen voor de zekerheid van een lage |
uitkering boven de risico's en extra financiële mogelijkheden van werk.
Dhr. Bruls staat positief tegenover het voorstel van dhr. Paul Fijn dat cliëntenorganisaties
naast vakorganisaties ook betrokken worden bij het opstellen
van de wetgeving op het gebied van arbeid zoals ook in de zorg gebeurt. Werkgevers kunnen meer gestimuleerd worden, ook door gemeenten, een bijdrage te leveren. De wetgever heeft daartoe al via de wet REA mogelijkheden zoals vermindering premie en proefplaatsingen. In de discussie na de pauze blijft vooral het beeld hangen dat mensen met psychische/psychiatrische problematiek aan het werk moeten zonder dat daarbij veel ondersteuning is. De werkplek aanpassen voor deze mensen is ingewikkeld en maatwerk. De belasting wisselt en ook de communicatie is soms anders of moeilijk. Sommigen hebben vele mislukkingen achter de rug dus waarom nog proberen? Er is geen enkele financiële prikkel en de angst is groot. Werkgevers zitten ook niet op je te wachten en collega's ook niet. De kosten bij terugval ( behandeling of opname) zijn vele malen hoger dan de inverdieneffecten als je weer aan het werk gaat en geen uitkering meer nodig hebt. Natuurlijk willen mensen meedoen in de maatschappij maar dat is wat anders dan arbeid boven inkomen. Vanuit de client met psychische problemen geldt de olympische gedachte "meedoen in de maatschappij is belangrijker dan ( enkel financieel) winnen". Dus ook allerlei combinaties van vrijwilligerswerk, dagbesteding en betaalde arbeid kunnen de moeite waard zijn en leiden tot een belasting die passend is voor de persoon. Als je alleen geholpen wordt met medaillekansen doet men liever niet mee. De angst van het niet scoren zorgt dan bijna als vanzelf voor de mislukking. Namens het Infocentrum GGZ Rik Post |
terug |
terug |